protocol bloeddruk meten
Doel:
Het bepalen van de hoogte van de boven-
en onderdruk in de bloedvaten
Algemene opmerkingen vooraf:
Bovendruk is de maximale druk van het
bloed op de slagaderwand tijdens de samentrekking van de linkerkamer van
het hart
Onderdruk is minimale druk van het bloed
op de slagaderwand tijdens het rustmoment tussen twee samentrekkingen van
de linkerkamer van het hart
Nooit bloeddruk meten aan een gewonde
arm, een arm met een infuus, bij vochtophoping in de arm en na inspanning
Houd rekening met de gevoelens van ongerustheid
over de bloeddruk bij de bewoner
Meet de bloeddruk zo mogelijk steeds onder
dezelfde omstandigheden: tijdstip, dezelfde arm, omgeving.
Voorbereiding
BEWONER
Informeer de bewoner over de bloeddrukmeting.
Vraag toestemming.
Laat de bewoner in een comfortabele positie
op een stoel of het bed plaatsnemen.
Vraag de bewoner zich te ontspannen. Laat
de cliënt 5 minuten rusten: inspanning kan de meting beïnvloeden.
Vraag de bewoner niet te praten tijdens
de meting.
MATERIALEN
stethoscoop
bloeddrukmeter (Riva-Rocci)
alcohol 70%
deppers
afvalzak
Zet alles klaar op een schoon werkvlak.
OMGEVING
Zorg voor een rustige omgeving. Zorg voor
voldoende privacy. Vraag eventuele aanwezigen tijdens de meting stil te
zijn.
Leg de stethoscoop binnen handbereik.
Uitvoering
Was je handen.
Vraag de bewoner de bovenarm te ontbloten.
Vraag de bewoner de arm ter hoogte van
het hart op het bed of op een tafel te laten rusten. Laat de bewoner de
handpalm naar boven houden. Dit bevordert een ontspannen houding.
Verwijder de aanwezige lucht uit de manchet
van de bloeddrukmeter door deze op te rollen en er in te knijpen.
Breng de manchet correct rond de arm aan;
2,5 cm boven de elleboog plooi. Er mag geen textiel tussen de manchet en
de arm zitten. De manchet moet stevig aangelegd worden zonder af te knellen.
Zorg ervoor dat de slangen vrij liggen.
Draai het ventiel aan de ballon dicht
en voel de pols.
Pomp de manchet op tot de waarde dat je
geen kloppen in de pols meer voelt. Pomp dan nog zo’n 30 mm Hg. extra op.
Op deze manier voorkom je dat de slagader onnodig lang en hard wordt afgekneld;
dit is een vervelend gevoel voor de bewoner.
Plaats de oordoppen van de stethoscoop
in je oren, plaats het membraan op de armslagader in de elleboogplooi en
blijf de stethoscoop zonder ruk vasthouden.
Laat de manchet per seconde 2 à
3 mm Hg leeglopen door het ventiel voorzichtig open te draaien.
Op het moment dat je de eerste harttoon
hoort, lees je de bovendruk af op de kwikkolom. Onthoud of noteer de waarde
Lees de onderdruk af op het moment dat
je de laatste harttoon hebt gehoord. Onthoud of noteer de waarde.
Laat de manchet langzaam leeglopen.
Verwijder de manchet
Indien nodig kan de meting na 30 seconden
pauze herhaald worden.
Was je handen.
Nazorg
BEWONER
Bespreek met de bewoner hoe deze de handeling
heeft ervaren.
Help de bewoner eventueel met het in orde
brengen van de kleding.
Deel de waarden desgevraagd mee aan de
bewoner, tenzij de arts anders heeft bepaald.
MATERIALEN
Reinig de oordopjes en het membraan van
de stethoscoop met deppers en alcohol.
Laat de lucht uit de manchet lopen door
deze op te rollen met geopend ventiel.
Ruim de materialen op.
Doe het afval in de afvalzak.
RAPPORTEREN
Noteer de waarden, het tijdstip, de plaats
van meting en de gemeten arm op het daartoe bestemde formulier.
Rapporteer alle gegevens. |