protocol hulp bij het braken
Doel
Hulp bieden bij het braken.
Voorbereiding/ voorwaarden.
Braken kan onverwachts gebeuren, dus kun
je geen voorbereidingen treffen.
Bij misselijkheid:
2 bekkentjes,
Handdoek/ matje,
Glas water
Washandjes.
Handschoenen.
Uitvoering.
Zittende bewoner.
Handdoek/ matje voordoen.
Bekkentje voorhouden.
Zonodig het lichaam van de bewoner ondersteunen.
Als de bewoner een gebitsprothese heeft,
deze uit laten doen.
Tussen het braken door de bewoner laten
zuchten en geruststellen.
Na het braken de mond laten spoelen met
water.
De mond afdoen met een nat washandje
Eventueel (schoongemaakte) gebitsprothese
weer in laten doen.
Liggende bewoner:
Bewoner in zijligging brengen.
zie verder: zittende bewoner.
Bewusteloze bewoner:
Bewoner in zijligging brengen.
Mond goed schoonmaken met gazen.
Alle braakresten uit mond verwijderen.
Afwerking.
Eventueel bed/ kleding verschonen.
Bewoner in juiste houding leggen.
Vragen aan de bewoner of het weer gaat.
Gebruikte spullen opruimen.
Braaksel laten zien aan verantwoordelijke
verzorgende.
Rapporteren. |