protocol 
hypodermoclyse toedienen
Onderdeel van www.ziekenverzorgende.nl
Alles over zorg


Lees ook de weblog van  
ziekenverzorgende.nl op 
www.manindezorg.nl
protocol hypodermoclyse toedienen 
Doel  
Toediening van vocht met behulp van een "hypo" gebeurt wanneer een bewoner is uitgedroogd als gevolg van beperkte vochtopname  
of een te sterke uitscheiding bijvoorbeeld door braken of diarree. Het toedienen van vocht gebeurt subcutaan in de bovenbenen.  

Algemeen opmerkingen  
Kennis.  
Subcutaan: de vloeistof wordt in het onderhuidse vetweefsel gebracht. De vloeistof zal langzaam door het lichaam worden  
opgenomen.  
De verzorgende die de handeling gaat uitvoeren moet op de hoogte zijn van de methode en consequenties van de hypodermoclyse.  

Vaardigheid.  
Om vaardig te worden en te blijven is het nodig de handeling regelmatig uit te voeren.  

Attitude  
Houdt rekening met de gevoelens van de bewoner en de zorg voor privacy.  

Voorbereidingen.  
Bewoner.  
Informeer en overleg met de bewoner (of familie) over:  
De reden van de toediening  
De plaats waar geïnjecteerd wordt  
Eventuele pijnlijkheid  
De werkwijze  
Leg de bewoner in rugligging  

Materialen  
2 Steriele naalden: infuusnaalden  
Vloeistof ( arts schrijft dit voor)  
Verrijdbare infuusstandaard  
Toedieningssysteem + druppelregelaars  
2 Kochers  
Steriele gaasjes 10 x 10 cm., 4stuks waarvan 2 half ingeknipt.  
Pleister  
Alcohol  
Schaar  
Bekkentje  
Handdoek  
Extra bovenlaken, extra deken of molton  
   
Omgeving.  
Zorg voor een rustige omgeving zodat de bewoner zich kan ontspannen  
Scherm het bed af.  
   
Uitvoering.  
Hang voorgeschreven hoeveelheid vloeistof aan de infuusstandaard.  
Verwijder beschermstripje van het aanprikpunt.  
Zet kochers op de toedieningsslangen.  
Steek de (kunststof)naald in het aanprikpunt van de vloeistofzak.  
Vul de druppelkamer door erin te knijpen.  
Bevestig de naalden aan het toedieningssysteem.  
Haal de kochers één voor één van de slang en laat de slangen vol lopen boven het bekkentje totdat er geen lucht meer in de slangen  
zit.  
Klem de slangen af en hang ze aan de infuusstandaard.  
Leg een handdoek onder de bovenbenen.  
Ga ieder aan een kant van het bed staan.  
Desinfecteer de huid op de plaats waar de naalden geplaatst gaan worden.  
Haal de kochers van de slangen en laat de vloeistof langzaam uit de naalden druppelen.  
Pak met de hand een flinke huidplooi en breng - tegelijk - de naalden in een hoek van 45°, naar het hart gericht, in het midden van de bovenbenen, subcutaan in. Als gebruik wordt gemaakt van een infuusnaald dient na het inbrengen de binnennaald uit de canule te  
worden getrokken. Deze naald mag nooit weer in de canule worden teruggestoken i.v.m. afsnijdingsgevaar van de canule.  
Controleer of de vloeistof blijft druppelen en niet uit de insteekopening van de huid lekt.  
Fixeer de canule (s) met gaasjes en pleisters.  
Bereken de druppelsnelheid p.o. arts.  
Vochtbalans bijhouden.  
Soms wordt de toediening in één been gedaan, dan dus met behulp van één naald. Dit op voorschrift van de arts.  

Nazorg.  
Zorg dat de bewoner alles bij de hand heeft.  
Controleer de bewoner regelmatig in overleg met de arts.  
Controleer de druppelsnelheid  
Controleer reactie van de bewoner  
Controleer op lekkage en pijn, temperatuur van de benen en op kleur van de huid  
   

Rapporteer toediening en hoeveelheid en rapporteer de observaties.  
Nadat de voorgeschreven hoeveelheid is ingelopen, "hypo" verwijderen.  
Insteekwondjes desinfecteren en zonodig bedekken met steriel gaas en afplakken met pleister.  
Alles opruimen.  
Bewoner in een prettige houding zetten.  
Evalueer met de bewoner  

Bewoner.  
Help zonodig met het in orde brengen van de kleding en het aannemen van de gewenste houding.  
Bespreek hoe de bewoner de handeling heeft ervaren.  

Materialen.  
Alle benodigdheden opruimen  
Naald in de naaldencontainer  

Omgeving.  
Verwijder de bedschermen.  

Verzorgende.  
Handen wassen  
Rapporteer de gegevens en teken af in de medicatiemap.  

Complicaties  
Hematoomvorming door aanprikken van een bloedvat  
Infectieverschijnselen lokaal of algemeen  
Duizelingen/ flauwvallen  
Prikaccident