Het boerenmeisje.


Des Zondags als de klokken
't Begin der kerke slaan,
Dan komt het boerenmeisje,
Met leren schoentjes aan,
Vol schone manieren,
Bom! laderiere! Bom ladera.
Ze is hups en pront en pronkt zo fris,
Als 't Zondag is (bis).

Refrein:
Tra-la-la.

De klompen mogen rusten
Na 't wekendaagse werk,
Daarom ook gaat het meisje
Zo gaarne naar de kerk,
Met linten die zwieren,
Bom! laderiere! Bom ladera.
Ze bloost en blinkt gelijk vernis
Als 't Zondag is (bis).

Refrein.

En oude kwezels kijken,
Ze noemen het een schand',
En knorren: "dat is zeker
En, die haar netten spant,
Om kermis te vieren!"
Bom! laderiere! Bom ladera.
Met Piet of Hannes, ja gewis!
Als 't Zondag is (bis).

Refrein.