't Lied met het refreintje.


Kom, we gaan een liedje zingen,
'n Liedje met een leuk refrein,
En een aardig melodietje,
Blij en vroolijk moet het zijn!
Blij en vroolijk moet het klinken
Kind'ren nu dus niet gedraald,
Vroeger heb je wel gezwegen,
Nu de schade ingehaald.
Heila, hop, lala, hi, ha, ha!

Steeds als wij dat liedje zingen,
't Liedje met dat leuk' refrein,
En dat aardig melodietje,
Moeten wij wel vroolijk zijn!
Ook al ben je eens wat treurig,
Ook al heb je wat verdriet,
Dat gaat over bij het hooren,
Van dat zoo bekende lied.
Heila, hop, lala, hi, ha, ha!

Zijn wij later groot geworden,
Dan nog hooren wij 't refrein,
En het aardig melodietje,
O, wat zal dat grappig zijn!
En we denken dan: Hoe heerlijk
Zijn die kinderjaren toch!
Eénmaal moeten wij dan zingen,
't Lied met het refreintje nog.
Heila, hop, lala, hi, ha, ha!