Missionaris


Gods afgezanten trekken uit,
zij gaan hun land verlaten,
in verre streken hoorden zij
veel schaapjes droevig blaten
Ook wij, al zijn we nog zo klein,
we willen missionaris zijn.

De schaapjes dwalen bang en moe,
het zijn veel duizendtallen,
zij dwalen zonder herder rond
en blaten daarom allen
Ook wij, al zijn we nog zo klein,
we willen missionaris zijn.

De missionaris komt! In hem
is Jezus hen verschenen,
ze staan, nu blatend van geluk
rondom hun herder henen
Ook wij, als zijn we nog zo klein,
we willen missionaris zijn.

De herder ziet naar ons en smeekt:
"Helpt mij de schaapjes troosten!
Gaat rond met mij als herdertjes,
in 't Westen en het Oosten"
Ook wij, al zijn we nog zo klein,
we willen missionaris zijn.