De mondharmonica.


Piet kreeg een mondharmonica
Cadeau van Ome Nol,
Toen speelde hij de hele dag,
Van do, re, mi, fa sol.
En na een tijd proberen,
Begon hij het te leren,
En heel de dag van vroeg tot laat,
Weerklonken deuntjes door de straat.
Jenge. lenge, leng
Ture, lure, lu
Toede, loede. Loe,
Piet, speel maar toe!

En als thuis iemand jarig is,
Dan is Piet in zijn sas,
Dan komt zijn mondharmonica,
Er altijd bij te pas.
En jong en oud wordt vrolijk,
En Pieter knipoogt olijk,
Want alle liedjes speelt hij na,
Al op zijn mondharmonica.
Jenge, lenge, ture, loede, loe,
Piet, speel maar toe!

Maar als er radiokoorzang is,
Dan is Piet ook er bij,
En als de kindren zingen gaan,
Dan is hij o zo blij.
Geen liedje wil hij missen,
Hij zal zich niet vergissen,
Wat 't koor zingt, speelt hij keurig na,
Al op zijn mondharmonica.
Jenge, lenge, ture, loede, loe,
Piet, speel maar toe!