Wandelliedje.


Als wij 's zomers saam gaan wandlen,
Naar het open vrije veld.
Zingen wij een vrolijk liedje
Dat van jeugd en vreugd vertelt.
Zijn wij buiten onder 't lommer
Waarvan oud en jong geniet.
En als 't zonneke dan blijft schijnen
Klinkt ons vrolijk wandellied.
Loedi lai tie enz.

Als wij 's avonds moe van 't lopen
Huiswaarts keren op ons pad.
Heeft een elk naar zijn genoegen
Veel pleizier en leut gehad.
Doch dan klinkt nog altijd blijde
Ook als men ons vreemd beziet.
't Opgewekt en vrolijk liedje
Oh dat leuke wandellied.
Loedi lai tie enz.

Gaat gij zomers ook uit wandlen,
Zing dan ook je leutig lied,
Hoe men U ook moog bekijken
't Deert of hindert je toch niet.
Zing je liedjes langs de wegen
Laat ze schallen vrij en blij.
't Toont je liefde voor het zingen
Zing maar vrolijk, vrij en blij!
Loedi lai tie enz.