beroepen in het verpleeghuis 
de dietist 
Onderdeel van www.ziekenverzorgende.nl
Alles over zorg


Lees ook de weblog van  
ziekenverzorgende.nl op 
www.manindezorg.nl
 De dietist  
Stelt diëten samen en begeleidt en adviseert cliënten als ze een dieet volgen. Voorbeelden van werkzaamheden: meet het vetgehalte van de huid met een huidplooimeter, spreekt met cliënten over hun eet- en leefgewoonten, informeert over voedingsproducten en het (verantwoord) samenstellen en bereiden van maaltijden, schrijft dieetvoorschriften, houdt de cliëntenadministratie bij, rapporteert aan artsen en geeft lezingen.  

De werkzaamheden  
Als diëtist stelt u diëten samen voor uw cliënten. U begeleidt ze tijdens het dieet en informeert hen over verantwoorde voedingsproducten. In overleg met de arts of cliënt bepaalt u waarop het dieet gericht moet zijn. Als de cliënt door een arts naar u is doorverwezen, houdt u die regelmatig op de hoogte van de ontwikkeling die uw cliënt doormaakt. Afhankelijk van waar u werkt, onderhoudt u contacten met (huis)artsen, voedingsdeskundigen, ziekenhuiskoks of koks van verpleeg- en verzorgingstehuizen.  

U spreekt met alle cliënten over hun eet- en leefgewoonten. Voor cliënten die last hebben van acute klachten stelt u een dieet samen dat onmiddellijk tot gezondere voedingsgewoonten leidt. Andere cliënten krijgen een dieet waarmee ze wat langer kunnen wennen aan hun nieuwe eetgewoonten. U vertelt hen hoe de voedingsmiddelen zijn samengesteld en hoe zij de producten moeten klaarmaken.  
U schrijft het dieetvoorschrift voor de cliënt en geeft hem voorlichtingsfolders mee. In de administratie houdt u bij welk dieet u heeft voorgeschreven, hoe de behandeling verloopt en hoe het staat met de conditie en het gewicht van de cliënt. Als u in een ziekenhuis werkt, stelt u in overleg met de behandelend artsen diëten samen. Soms houdt u ook het dieet bij van patiënten die in de polikliniek worden behandeld. Tijdens uw werk houdt u zich aan de richtlijnen van de Nederlandse Vereniging van Diëtisten.  

De vereiste capaciteiten  
- communicatieve en contactuele capaciteiten (contacten met zeer uiteenlopende mensen)  
- mondelinge vaardigheden (zaken helder uitleggen)  
- tact, geduld en inlevingsvermogen  
- zelfstandig kunnen werken én samen kunnen werken (met behandelend artsen en andere deskundigen)