Verpleegkundige zorg
op basis van het N.D.T.-CONCEPT
De letters N.D.T. staan voor Neuro Developmental
Treatment, een behandelvorm voor CVA-patiënten, gebaseerd op de ontwikkeling
van zenuwstelsel en motoriek in onze eerste levensjaren.
Dit behandelconcept is ontwikkeld door
het echtpaar Bobath en met name door de fysiotherapeute Pat Davies uitgewerkt
voor volwassenen met een halfzijdige verlamming.
Een Cerebro Vasculair Accident (CVA) is
een uiterst complex ziektebeeld. Zo kunnen er naast verlammingen en spasticiteit,
stoornissen optreden in denk- en geheugenprocessen en in de persoonlijke
belevingswereld. Ook komen er storingen voorin het waarnemen, het taalbegrip,
de spraak, het gevoel, het slikken en in de blaas- en darmfuncties.
De verscheidenheid en complexiteit van
de storingen zijn erg wisselend en vaak leiden ze tot beperkingen en handicaps.
In Nederland overkomt dit meer dan 35.000 volwassenen per jaar
[ga vanaf voor meer informatie hierover]
Met dit artikel willen wij een indruk geven
wat het N.D.T.- CONCEPT inhoudt.
Een veranderde visie op revalidatie.
Zoals in de inleiding is beschreven, kan
de problematiek van een CVA-patiënt erg groot zijn. Tot voor kort
gingen verpleegkundigen, zeker in een ziekenhuis, daar onvoldoende op in.
Het bevorderen van de zelfstandigheid
en zelfredzaamheid, kortom revalidatie, was iets waar verpleegkundigen
nauwelijks deel aan hadden. Deze visie werd versterkt doordat zij geen
kennis van de totale problematiek en van gestoorde motoriek hadden.
Dit leidde ertoe dat zij:
-De patiënt bijvoorbeeld schots en
scheef in bed lieten liggen;
-De patiënt benaderden zoals iedereen
dat persoonlijk uitkwam;
-De patiënt aan zijn paretische arm
overeind "hesen" en;
-De patiënt vaak voor alle zekerheid
een sonde en verblijfskatheter gaven.
De patiënt bleef afhankelijk van hulpverleners
en het spastisch patroon werd versterkt. Dit werd gezien als een logisch
gevolg van de ziekte, totdat verpleegkundigen meer ervaringen kregen en
zagen dat de fysiotherapeut de CVA-patiënt een bepaalde houding in
bed liet aannemen, de patiënt altijd aan de aangedane zijde benaderde
en de aangedane lichaamshelft zoveel mogelijk betrok bij alle activiteiten.
De logopediste hielp de patiënt in
zittende houding, bij voorkeur aan tafel, bij het slikken en bood zelfs
dunne dranken aan.
De ergotherapeute hielp de patiënt
al heel snel in de badkamer met wassen en aankleden.
Juist bij activiteiten van het dagelijkse
leven kan de patiënt veel geboden worden. Daarom zouden ook verpleegkundigen
op basis van het N.D.T.-concept moeten gaan werken.
Vanuit dit besef groeide een andere visie
:
"Revalidatie start in het ziekenhuis en
wel vanaf de eerste dag, ongeacht de leeftijd en de toestand van de patiënt."
Daarbij heeft de verpleegkundige een belangrijke
therapeutische rol! Net zoals voor andere disciplines kwam er ook voor
neurologische verpleegkundigen een cursus op N.D.T. gebied.
Er ontstond een multidisciplinaire samenwerking,
waarin ook verpleegkundigen een aandeel hebben in een integrale aanpak
van de problematiek van een CVA-patiënt.
Doel en werkwijzen van het N.D.T.-concept.
N.D.T. wil net als veel andere verpleeg/
behandelmethodes bereiken dat de patiënt weer zo zelfstandig mogelijk
wordt.
Maar karakteristiek voor het N.D.T.concept
zijn echter de volgende kenmerken:
-De hemiplegische lichaamshelft wordt
zoveel mogelijk ingeschakeld;
-Houdings- en bewegingspatroon moeten
zo normaal mogelijk zijn;
-De tonus of spierspanning moet ook zo
normaal mogelijk zijn.
Er is een aantal methodes om de tonus en
een beweging te beïnvloeden. Een te hoge tonus of spasme wordt
verminderd via remmingtechnieken of inhibitie. Inhibitie bereik je door
een paretisch lichaamsdeel te belasten of door een spier te verlengen.
Verlengen gebeurt ook in de sport, b.v. bij een kramp in de kuit
worden de tenen naar de neus toe gebogen. Een te lage tonus of hypotonie
wordt via de stimulatietechnieken aangepakt. Bijv. als de patiënt
ligt kan de tonus van de buikspier verlengt worden door hem te vragen zijn
hoofd op te tillen. Zijwaarts verplaatsen of omrollen gaat dan makkelijker.
Naast inhiberen en stimuleren is er een derde belangrijke methode: het
faciliteren. Via de techniek van het faciliteren. worden bewegingen vergemakkelijkt
en kunnen ze lichter verlopen.
Belangrijke uitgangspunten van het N.D.T.-concept.
Inhiberen, stimuleren en faciliteren.
zijn nieuwe technieken voor verpleegkundigen, die de verpleegkundige zorg
voor CVA-patiënten, drastisch veranderd hebben. En daar blijft het
niet bij ! Samen met deze technieken worden ook de volgende 9 uitgangspunten
in de zorg geïntegreerd.
1. Consequentheid van
handelen. Door de parese en de gestoorde sensoriek heeft de patiënt
moeite om motoriek te herleren. Dit kan nog versterkt worden door cognitieve
storingen. Als de
behandeling niet consequent is, dan zal
hij nog veel meer moeite hebben om iets te leren. Het is zeer belangrijk
om hem telkens op dezelfde manier te laten bewegen en daarbij dezelfde
principes toe
te passen. Alleen dán heeft hij
een goede kans het bewegen te herleren, door telkens dezelfde ervaring
op te doen.
2. Schakel de aangedane
zijde zoveel mogelijk in. Een CVA-patiënt heeft de neiging om de compensatiemethode
te gebruiken. Daarbij compenseert de gezonde zijde het functieverlies van
de andere kant. De dreiging van spasticiteit wordt daarmee groter. Zou
de patiënt zich bijvoorbeeld optrekken aan een papegaai, dan benut
hij alleen de gezonde zijde. De aangedane arm wordt verwaarloosd, de schouder
gaat naar achteren en dat is precies het spastisch patroon wat je wilt
voorkomen. Met inhiberen, stimuleren en faciliteren. is het vaak heel goed
mogelijk de aangedane zijde in te
schakelen.
3. Zorg voor symmetrie
in houding en beweging. Bij symmetrie gaat het er niet zo zeer om dat de
aangedane zijde het perfecte spiegelbeeld is van de niet aangedane zijde,
maar wel dat beide
lichaamshelften goed samenwerken. Bijvoorbeeld:
bij het gaan staan moet de patiënt beide benen belasten en bij het
zitten moet hij op beide billen zitten en niet scheef hangen.
4. Houdt de tonus zo
normaal mogelijk. Er zijn veel mogelijkheden om met een goede houding of
beweging de tonus normaal te houden. Bijvoorbeeld: het liggen op de aangedane
zijde geeft een verlenging van de romp aan de aangedane zijde en dit heeft
een inhiberende werking.
5. Geef zoveel mogelijk
prikkels aan de aangedane zijde. Om output in de vorm van motoriek te krijgen
is het absoluut noodzakelijk om voor veel sensorische input te zorgen.
Je kunt dat bereiken door een CVA-patiënt altijd aan de aangedane
zijde te benaderen. Ook kun je het bed zo in de kamer plaatsen dat de patiënt
met zijn gezonde zijde naar de muur ligt. Hij krijgt dan alle prikkels
aan de aangedane zijde aangeboden. Hulpverleners en familie komen automatisch
aan die zijde te staan.
6. Zoek aanknopingspunten
met de A.D.L. Motoriek herleren gaat beter door handelingen te verrichten
die een doel hebben, zoals A.D.L.-handelingen. Bovendien zijn dat verrichtingen
die iedereen
dagelijks uitvoert en die geautomatiseerd
zijn. Het is goed een beroep te doen op dat automatisme.
7. Zorg voor een leerrijke
omgeving. Herleren gaat beter in een leerrijke omgeving die normaal is
voor die handeling. Je gaat bijvoorbeeld zo snel mogelijk over van het
wassen op bed, naar het wassen aan de wastafel in de badkamer.
8. Breng regelmaat en
structuur in het handelen. Als de patiënt apraktisch is, ontbreekt
het plan om handelingen in een goede volgorde uit te voeren. Door de kleding
in een goede volgorde klaar te leggen en door dit elke dag zo te doen,
breng je regelmaat en structuur aan.
9. Vraag zoveel mogelijk
activiteit van de patiënt. Je moet niet te snel denken dat een patiënt
met een hersenbeschadiging iets niet kan. Je neemt dan de handeling over
en ontneemt hem de kans om
een beweging te ervaren en de motoriek
te herleren. De patiënt moet zo actief mogelijk zijn, maar wel met
een normale tonus en motoriek! Het gaat primair om de kwaliteit van bewegen
en niet om de kwantiteit.
De betekenis van N.D.T. voor de patiënt.
N.D.T. is geen wondertherapie waarbij
door bepaalde handgrepen de patiënt opeens weer van alles kan doen.
Het is echt niet zodat hij als door een toverspreuk weer kan lopen. Resultaten
worden pas op langere termijn bereikt.
Maar wat zijn nu de voordelen die een patiënt
kan hebben ?
Je kunt via de weg van het N.D.T.-concept
bereiken dat de spasticiteit minder hevig is.
- Schouderklachten zijn een groot probleem.
75% van de CVA-patiënten, krijgt vroeg of laat hiermee te maken. Met
de toepassing van N.D.T. wordt die kans gereduceerd tot onder de 10%.
- Je kunt door facilitatietechnieken de
normale slikmotoriek stimuleren, zodat een maagsonde overbodig is en de
patiënt weer kan proeven.
- Door het stimuleren van de normale blaasfunctie
kan de katheter er eerder uit of is zelfs niet eens nodig. Door een agnosie
en een hemianopsie leeft de CVA-patiënt in een halve wereld.
- Je kunt via een consequente benadering
en door veel input aan de aangedane zijde te geven, de patiënt weer
inzicht geven in de verloren halve wereld, waardoor hij zijn aangedane
lichaamshelft herontdekt en inschakelt.
- Als de patiënt een apraxie heeft,
kun je hem door regelmaat en structuur beter leerbaar maken, zodat hij
toch zichzelf kan aankleden.
Nogmaals, dit zijn geen wonderen, maar
voor iemand die zo diep in de ellende zit, is iedere vooruitgang belangrijk
!
De betekenis van N.D.T. voor verpleegkundigen.
Naast de voordelen voor de patiënt,
zijn er ook vele voor de verpleegkundigen. N.D.T. geeft verpleegkundigen
een basis waarop het verzorgen gefundeerd kan worden. Wij hebben gemerkt
dat juist op het gebied van de basiszorg de deskundigheid en professionaliteit
sterk wordt vergroot. Het werk van verpleegkundigen en dat van andere disciplines
komt meer in elkaars verlengde te liggen omdat dezelfde principes toegepast
worden. Verpleegkundigen krijgen een veel beter inzicht in de problematiek
van een patiënt met een hersenbeschadiging. Onze ervaring is ook dat
verpleegkundigen veel minder vaak tillen. Door een verbeterd inzicht in
hoe bewegingen normaal uitgevoerd worden, krijg je veel meer oog voor de
mogelijkheden die iedere patiënt heeft en je kunt op een verantwoorde
manier gebruik maken van die mogelijkheden. |